Chantal Verhulst: “Tekenen en schilderen zijn voor mij een vorm van meditatie”

Chantal Verhulst: “Tekenen en schilderen zijn voor mij een vorm van meditatie”

29 november 2025

Chantal Verhulst (55) houdt dit najaar een overzichtstentoonstelling met haar teken- en schilderkunstwerken. De expo toont meer dan twintig jaar aan creatief werk. Op 1 november vond de vernissage plaats in het kunstencentrum De Loods in Duffel. De expo duurt tot 5 januari 2026. De opbrengt van de verkoop én van de veiling die plaatsvindt op 19 december schenkt Chantal aan UilenSpiegel. We hadden een gesprek met haar over haar kunst, haar leven en kwetsbaarheid.

Welke rol speelt kunst in je leven?

Chantal: “Tekenen en schilderen zijn voor mij een vorm van meditatie. Zodra ik ermee bezig ben, brengt het rust. Het verbindt me zowel iets buiten mezelf ligt als met iets diep vanbinnen, wat je misschien het ‘het goddelijke’ kan noemen.

Tekenen en schilderen zijn voor mij een vorm van meditatie. Het verbindt me met iets buiten mezelf én met iets diep vanbinnen.

Ik tekende al van jongs af aan: vooral Disneyfiguurtjes en paarden. Paarden fascineerden me enorm. Ik reed ook paard, maar na twee rijlessen brandde de manege volledig af en moest ik die hobby stopzetten.”

Wat voor kunst maak je?

“Ik heb doorheen de jaren in verschillende stijlen gewerkt: zowel abstract als figuratief, en ik maak relatief veel portretten. De werken op doek, in acrylverf, zijn groter; daarnaast werk ik ook in kleine boekjes met arceertechnieken in stift, balpen of potlood. De gezichten die ik schilder, zijn geen bestaande personen maar weerspiegelingen van emoties en gevoelens van dat moment.

Dans en beweging zijn altijd belangrijk geweest in mijn leven, en dat zie je ook terug in mijn werk. Er wordt wel eens gezegd dat elke kunstenaar een zelfportret maakt. Bij mij klopt dat zeker.”

Je hebt een psychosegevoeligheid. Wat ligt volgens jou aan de basis van die kwetsbaarheid?

“Op mijn veertiende maakte ik een zwaar traumatische gebeurtenis mee. Tijdens een autoreis kregen we pech. Toen mijn vader uitstapte om de gevarendriehoek te plaatsen, werd hij gegrepen door een vrachtwagen. Ook onze auto werd meegesleurd. Hij overleed ter plaatse. Het laatste beeld dat ik van hem heb, is hoe hij daar lag op het asfalt. Wat het nog moeilijker maakte, was dat ik vlak voor de vakantie ruzie met hem had. We zouden het tijdens de reis uitpraten, maar die kans kwam er nooit.

Het laatste beeld dat ik van mijn vader heb, is hoe hij daar lag op het asfalt. Dat verkeerstrauma ligt volgens mij aan de basis van mijn psychoses.

Slachtofferhulp bestond toen niet. Ik heb de gebeurtenis intussen een plek kunnen geven, maar dat heeft jaren geduurd. Volgens mij ligt dat verkeerstrauma aan de basis van mijn psychoses.”

Hoe heeft dat trauma je verder beïnvloed?

Door het trauma verloor ik de voeling met mezelf; ik wist niet wat ik wilde in het leven. Ik droomde van artistieke studies, maar mijn moeder raadde dat af. Later overwoog ik dierenarts, maar ook dat vond ze geen toekomstzeker plan. Daarom koos ik uiteindelijk voor Pers- en Communicatiewetenschappen aan de VUB, in de hoop dat dat mij goede jobkansen zou geven.

Ik werkte een tijd als productie-assistente bij televisie. Het was interessant werk, maar de weken van 50 à 60 uur wogen zwaar.

Van mijn veertiende tot mijn drieëndertigste heb ik het rouwproces weggeduwd uit angst dat het me zou overweldigen. Intussen had ik last van depressies en fibromyalgie, met veel pijn en weinig energie.

In de periode voor mijn psychose waren er veel sterfgevallen geweest in mijn omgeving. Daarnaast had ik de gewoonte jointjes te roken om mijn rugpijn te verlichten. Deze dingen hebben wellicht de psychose mee uitgelokt. Een psychiater in Brussel heeft mijn trauma met EMDR* willen behandelen, maar dat deed me helemaal decompenseren. Ik kreeg mijn eerste psychose en werd opgenomen. Ik was toen driëendertig.”

Hoe verliep die eerste opname?

“Ik had geen enkele ervaring met psychiatrie en begreep niet wat me overkwam. De opname was traumatisch. Ik werd met geweld in een ambulance geduwd en uiteindelijk gedwongen opgenomen. Omdat ik medicatie weigerde, belandde ik in de isoleercel. Ik mocht pas buiten als ik bereid was medicatie te nemen.

Ik was bang dat de pillen mij zouden ‘veranderen’, en dat gebeurde ook: ze vlakten mijn gevoels- en gedachtewereld af. De bijwerkingen waren zwaar. Ik had een enorme bewegingsdrang en kon niet ontspannen. Alleen Akineton bracht wat verlichting, al betekende dat nóg een extra pil. Ik noem medicatie nog steeds ‘rommel’, maar jammer genoeg raak ik er niet vanaf: afbouwen lukt me niet.”

Wat helpt jou in het leven?

“De medicatie helpt mij deels, net als het inzicht dat ik geleidelijk kreeg in mijn bipolaire kwetsbaarheid. Het besef dat ik minder stress aankan en sneller angstig ben, is een heel aanvaardingsproces geweest, waar ik nog altijd in zit.

Sommige opnames waren wél helpend, vooral door de creatieve therapieën. Via het scheppingsproces vond ik stukjes van mezelf terug. Ook sporttherapie deed deugd; ik ben altijd sportief geweest.

De hulpverleners die het meest voor mij hebben betekend, zijn diegenen die buiten de lijntjes kleurden en warme nabijheid boden.

De hulpverleners die het meest voor me betekend hebben, zijn degenen die ‘buiten de lijntjes kleurden’: mensen die zich niet helemaal aan de kille protocollen en richtlijnen hielden maar hun eigen gevoel volgden en warme nabijheid boden. Dat schept vertrouwen, en dat heb je hard nodig in crisis.

Lang heb ik het moeilijk gehad met het idee dat ik geen gewone job meer aankon. Ik volgde allerlei opleidingen om toch een plek in de maatschappij te vinden. De tentoonstelling geeft me wel een beetje het gevoel een plekje in de maatschappij te hebben en iets terug te kunnen geven.”

Hoe heb je UilenSpiegel leren kennen?

“Negen jaar geleden, tijdens een opname in Sint-Alexius Grimbergen, kwam Geert Van Isterdael (bestuurslid) de werking van UilenSpiegel voorstellen. Ik was enthousiast en werd meteen lid. De organisatie spreekt me aan omdat ze een plek biedt buiten de klassieke hulpverlening.

Via jullie had ik contact met lotgenoten: ik volgde de praatgroep psychose in Leuven en belde soms naar LuisterGenoten.”

Hoe zou je jezelf omschrijven?

“Creatief en bedachtzaam. Door wat ik heb meegemaakt, ben ik voorzichtiger geworden. Vroeger was ik spontaner, socialer, expressiever. Ik geloofde meer in de goedheid van mensen. Dat mis ik soms.”

Heb je een motto?

“Ja: ‘Er is altijd meer als je iets langer kijkt’. Het is een quote die ik zelf heb bedacht, althans, dat denk ik toch. Na een tijd zie je de dingen anders, de eerste blik is altijd wat oppervlakkig. Volgens mij is het zeer de moeite waard om wat langer te kijken, ook wanneer je mensen ontmoet.”

Is er nog iets dat je wil delen?

“Wat ik betreur, is dat de media vaak ongenuanceerd berichten over psychose. Alsof misdaden vaak gepleegd worden door iemand met een psychiatrisch verleden. Dat klopt niet. Door dat steeds te vermelden leggen mensen sneller de link tussen psychose en gevaar.

Ik heb nooit iemand kwaad gedaan, maar ik ben wél beschadigd geraakt door crisisopnames en de horror die ermee gepaard gaat, de isoleercellen, de dwangmedicatie en het hardhandig ingrijpen van ziekenhuispersoneel en politie.

Daarom schenk ik de opbrengst van mijn werken graag aan UilenSpiegel, uit waardering voor het waardevolle werk dat jullie doen.”

___
* EMDR: Eye Movement Desensitization and Reprocessing

_______

Expo Chantal Verhulst

Nog tot 5 januari 2026 te bezichtigen in De Loods, Spoorweglaan 32 in 2570 Duffel.
Veiling en verkoop kerstcadeaus ten voordele van UilenSpiegel op 19 december 2025 om 14u.

Interview en foto’s: Nadia Mahjoub
Kunstwerken: Chantal Verhulst

 

Close